'Soms ben ik bang dat ik net zo word als mijn vader'

Nieuws

Abbie Chalgoum leefde als kind voortdurend in angst

'Soms ben ik bang dat ik net zo word als mijn vader'

Hij was prins carnaval, acteerde in de Venlose Revue en speelde Jezus bij de Passiespelen in Tegelen. Daarna belandde hij in een identiteitscrisis en balanceerde op het randje van leven en dood. Abbie Chalgoum schreef er een indrukwekkend boek over en maakte er met Toneelgroep Maastricht een theatervoorstelling van, waarmee hij vanaf volgende week door het land trekt. „Ik probeer mensen een spiegel voor te houden. En merk aan de reacties dat sommigen zich in mijn verhaal herkennen. Heel waardevol!”

Zij verstaat de kunst van bij me horen (Frans Halsema - Voor haar)

„Nina leerde ik kennen in oktober 2013, toen we beiden in een heel moeilijke fase zaten. Zij had net haar vader verloren aan dementie. 54 was hij pas. Nina zat eigenlijk nog in het rouwproces. En ik probeerde op te krabbelen uit een diepe depressie, had nog niet zo lang daarvoor voor de tweede keer zelfmoord proberen te plegen. Mijn zus, die in Amsterdam woonde, nodigde mij uit om Abbie Chalgoum: „Ik leefde als kind voortdurend in angst. En dat is niet goed. © JEAN-PIERRE JANS mee te gaan naar Amsterdam Dance Event. Vrienden van me hadden een datingapp op mijn telefoon geïnstalleerd, maar ik had daar nog niks mee gedaan. In de trein van Venlo naar Amsterdam opende ik die app voor het eerst en de eerste die ik er tegenkwam was Nina. We raakten in gesprek. Zij vertelde over het verlies van haar vader, ze was heel open. Daarop besloot ik haar te vertellen over alles wat er met mij was gebeurd, ze was de eerste aan wie ik mijn verhaal toevertrouwde. We hebben elkaar geholpen en kregen een heel sterke band. Ik was tot over mijn oren verliefd. Na een halfjaar al zijn we gaan samenwonen in Amsterdam. Waarom wachten als het goed voelt? In 2015 raakte ze zwanger en in 2016 is onze eerste geboren, in 2019 de tweede. Nina heeft mij geleerd te praten over mijn gevoelens. En om te durven van jezelf te houden. Ik leer nog elke dag van haar. We hebben het ontzettend fijn met elkaar. Ik ben stapelgek op haar.”

Papa, ik lijk steeds meer op jou (Stef Bos - Papa)

„Wat uiterlijk betreft lijk ik heel veel op mijn vader. En ik kan, net als hij, heel hard rennen. Maar dan heb je het ook wel gehad. Onze karakters zijn totaal verschillend. Wie mijn boek heeft gelezen, weet dat het niet boterde tussen hem en ons. Thuis in Venlo moesten we altijd op de tenen lopen, want hij kon elk moment ontploffen. We leefden in verschillende kamers. Waar hij was, waren zijn zeven kinderen niet. Super ongezond om zo op te groeien, want je bent altijd bang en staat voortdurend in de overlevingsmodus. Als hij het huis uit ging, konden we dat beklemmende gevoel eventjes loslaten. Nu ik zelf kinderen heb, denk ik daar vaak aan terug, want ik wil het absoluut beter doen. Mijn zoon en dochter moeten de ruimte krijgen die ik vroeger nooit heb gehad. Ik probeer veel met ze te praten, zodat ik weet wat hen bezighoudt; wil een luisterend oor bieden en helpen. Ik leefde als kind voortdurend in angst. En dat is niet goed, want het zijn toch de belangrijkste jaren van je leven, jaren waarin je wordt gevormd en je jezelf moet ontwikkelen. Warmte en liefde heeft hij me nooit gegeven. Ik heb, na alles wat er gebeurd is, geen contact meer met hem. Met mijn moeder wel. Zij is wat opvoeden betreft mijn grote voorbeeld, al was ook zij nooit een grote prater en stopte ze emoties weg. Geduld hebben, er voor anderen zijn en het gezin bij elkaar houden, dat heeft ze altijd geprobeerd. En dat doe ik ook. Ik geef mijn kinderen mee dat ze zichzelf moeten zijn en dat het helemaal niet erg is als je een keer op je bek gaat. Daar leer je van.”

Geneet van ’t laeve zolang este kins (Sjef Diederen - Geneet van ’t laeve)

„Genieten, dat heb ik pas op latere leeftijd geleerd. In mijn jeugd was ik alleen maar bezig met overleven en dingen doen. Als ik terugkijk, denk ik: had ik toen maar wat meer genoten van de leuke gebeurtenissen. Had ik maar meer in het moment gezeten. Want het vliegt allemaal voorbij. In 2013 deed ik mijn eerste zelfmoordpoging. Daarna kwam ik bij een psycholoog terecht en bij een coach. Langzaam kreeg ik inzichten. Maar toch duurde het nog een hele tijd voor ik kon genieten van het leven. De geboorte van onze kinderen heeft daarbij geholpen. Mijn zoontje heeft onlangs zijn strikdiploma gekregen. Dat hebben we met z’n allen gevierd. Op zulke momenten realiseer ik me dat ik gezegend ben. Ik heb een prachtige vrouw en twee geweldige kinderen. Genieten zit hem vaak in de kleine dingen: een etentje met vrienden, het verjaardagsfeestje van onze dochter, gezellig met elkaar kletsen. Het hoeft echt niet groots en meeslepend te zijn. Ik geniet nu ook als ik op het podium sta en mijn verhaal kan vertellen.”

Vriendschap is een illusie, vriendschap is een droom. Een pakketje schroot, met een dun laagje chroom (Het Goede Doel - Vriendschap)

„Op straat was ik vroeger een allemansvriend. Ik wilde erbij horen en speelde eigenlijk voortdurend toneel. Maar dat hou je natuurlijk niet lang vol. Verschillende levensfases brengen ook andere vriendschappen met zich mee. Nu we kleine kinderen hebben, hebben we andere contacten dan voorheen. Die gaan misschien ook wel weer over. Maar daar hoef je niet rouwig om te zijn. Er zijn ook vriendschappen die voor eeuwig zijn, zoals die met mijn zus. We bellen elkaar dagelijks en vertellen elkaar alles. Die hechte band is gebaseerd op de moeilijke jeugd die we samen hebben meegemaakt. Mijn zus mocht als meisje helemaal niks van mijn vader. Hij verbood haar bijvoorbeeld om naar een schoolfeest te gaan. Ik hielp haar om weg te glippen zonder dat hij het merkte. En bleef vervolgens wakker tot ze thuiskwam. Dat was spannend, want als pa erachter zou komen, was het huis te klein. Achteraf gezien kunnen we daar wel om lachen. We hebben elkaar geholpen. Toen ik de eerste keer een vriendinnetje had en bij haar thuis moest gaan eten, heeft mijn zus mij geleerd hoe dat moest: met mes en vork. Ik wist dat niet, want wij aten thuis altijd met de handen. Ik zit nog in een appgroepje met mensen van de Venlose Revue. En ik heb een paar goede vrienden uit mijn jeugd in Genooi. We lopen de deur niet bij elkaar plat, maar weten van elkaar dat we altijd bij elkaar kunnen aankloppen als daar behoefte aan is.”

Ik neem je mee, neem je mee op reis. Neem je mee, naar Rome of Parijs (Gers Pardoel - Ik neem je mee)

„Nina en ik houden allebei van reizen. Toen ik haar leerde kennen was ze nog nooit buiten Europa geweest. Ik heb haar meteen meegenomen naar Indonesië, een geweldig land. De meeste mensen zijn er arm, maar zijn toch gelukkig. En heel gastvrij. Ze hebben niet veel, toch willen ze alles met je delen. Hoe anders is dat hier?! Mijn reislust is trouwens pas op latere leeftijd ontstaan, toen ik in het onderwijs ging werken. Zeven weken vakantie. Wow! Vroeger kwam ik niet verder dan Marokko. Daar gingen we iedere zomer naartoe om familie te bezoeken. De eerste reis die ik in m’n eentje maakte, was naar Amerika, waar ik Route 66 wilde volgen. Dat was geen pretje, want ik werd beroofd. Ik voelde me ook eenzaam, wilde terug naar huis. Ik belde m’n zus, die zei: ‘Probeer het nog een paar dagen.’ Dat was een goed advies, want daarna heb ik een fantastische tijd gehad. Reizen verrijkt je geest. Je wordt er ook nederig van, vind ik. En je leert jezelf kennen. Dat wil ik mijn kinderen ook meegeven, al proberen we vanwege het klimaat vliegen zo veel mogelijk te vermijden. We hebben onze kinderen al eens meegenomen naar Marokko. Ik vind het heel belangrijk dat ze wat van de wereld zien. En dat ze beseffen dat de welvaart die wij in Nederland hebben niet vanzelfsprekend is.”

15505
15505

Ja ik ben woke, zo woke, ik ben wakkerder dan ooit (Arjen Lubach - Woke)

„Iedereen geeft een andere invulling aan dat begrip. Als woke betekent dat je overal tegen bent, wil ik mezelf niet zo noemen. Sociale media zijn een vloek en een zegen. Iedereen kan tegenwoordig zijn mening ventileren. Populisten maken daar misbruik van. Het lijkt soms wel of iedereen aan het vechten is. En klaagt dat er ‘van alles ontnomen wordt’. Daar kan ik niet goed tegen. Ik ben voor een open samenleving. Als je met zoveel verschillende culturen bij elkaar woont, mag je wel wat meer rekening met de ander houden. Probeer jezelf eens te verplaatsen in de ander. Tel eens tot tien voordat je iets roept of schrijft. En ga op zoek naar de nuance. Dan wordt onze samenleving een stuk aangenamer.”

Sterren komen, sterren gaan. Alleen Elvis blijft bestaan (Gorki - Mia)

„Ik vind het fijn om in de schijnwerpers te staan. Om mijn verhaal te vertellen aan een publiek, of in de huid van een ander te kruipen op het podium. Maar ik hoef niet beroemd te worden. Ik heb ook geen enkele behoefte om mee te doen aan programma’s als of Ik zou wel meer willen acteren, in het theater of in films, maar dan niet die stereotype rollen van de foute Marokkaan in of , om maar eens iets te noemen. Verhalen schrijven en uitbeelden waarin mensen zich kunnen herkennen, met diepgang en een boodschap, dat zie ik helemaal zitten.”

Geen banger hart dan dat van mij (Rob de Nijs - Banger hart)

„Soms is daar dat stemmetje in mijn hoofd: de vrees dat ik op mijn vader ga lijken. Ik vraag me voortdurend af of ik niet te streng ben. Of te fel reageer. Ik ben me daar heel bewust van. Vroeger werd ook de angst voor God er bij ons ingepeperd. Als je slechte dingen doet, kom je in de hel. Raar eigenlijk, want het geloof is toch eigenlijk liefde. Angst kent vele vormen. En als je daar niet mee kun omgaan, als je niet kunt relativeren, gaat dat je leven beheersen. Dan ga je jezelf beperkingen opleggen. Of, zoals ik heb gedaan, jezelf verdoven met alcohol. Angst heeft mij bijna tot waanzin gedreven. Op een gegeven moment stond ik op een brug in Laos. Ik wilde ervan afspringen. Maar opeens dacht ik aan m’n zus en moeder, aan het verdriet dat ik hen zou aandoen door er een einde aan te maken. Op dat moment overwon ik mijn angst en besloot ik hulp te zoeken. Om te gaan praten. En dat is maar goed ook, want eigenlijk wilde ik helemaal niet dood. Ik wist alleen niet hoe ik moest leven.”

Kôm laot ôs nao ’t zuuje gaon. Wao vastelaovend is ôntstaon (Lex Uiting - Nao ’t Zuuje)

„Da’s een fantastisch nummer! En, denk ik, ook heel herkenbaar voor Limburgers die zijn uitgevlogen zoals ik. Waar je vandaan komt blijft toch altijd trekken. Oude liefde roest niet. Ik woon nu in Haarlem, maar volg alles wat er in Venlo gebeurt. Ik ben er niet geboren, maar wel opgegroeid. Misschien heb ik ook wel een beetje een haat-liefdeverhouding met het . Ik heb er hele mooie tijden meegemaakt, maar ben er ook hard gevallen. En verdwaald. En ja, dat zo veel mensen er achter de PVV van Wilders aanlopen snap ik niet. Dat doet ook wel pijn, want ik ben iemand die verbinding zoekt. Desalniettemin voel ik me nog steeds Venlonaar. Ik heb natuurlijk ook nog een andere : Marrakesh in Marokko. Daar stond mijn wieg en heb ik de eerste jaren van mijn leven gewoond. Daar liggen ook de roots van mijn ouders en grootouders. Ook daar ben ik trots op. gaat ook over de . En dat zit in mijn DNA. Ik weet nog dat ik de eerste keer met mijn vriendje carnaval ging vieren. Op de fiets naar Tegelen. Ik dacht: wow, wat is dit? Jaren later, in 2012, ben ik prins geworden van CV De Vaegers. Had ik nooit verwacht. Ik vond het geweldig en had echt het gevoel dat ik erbij hoorde, ook al was niet iedereen in Venlo enthousiast. Vorig jaar heb ik mijn kinderen voor het eerst meegenomen naar de Boètegewoeëne Boètezitting. Carnaval is zo leuk omdat je dan kunt zijn wie je wil zijn, en iedereen in feite gelijk is. Er is een enorm saamhorigheidsgevoel. Was iedereen maar altijd zo aardig als tijdens de .”

’k Ben niet hervormd of zo, niet katholiek. Ik kom alleen maar hier voor de muziek (DC Lewis - Mijn gebed)

„Religie speelt nu geen rol meer in mijn leven. Vroeger uiteraard wel. Ik ben islamitisch opgevoed, heb geprobeerd een goede moslim te zijn. Maar op straat zag ik dat het er heel anders aan toeging. En dan wilde ik meedoen. Dat botste weleens. Met onze kinderen praten we over het geloof, maar we laten ze heel vrij. Als ze wat ouder zijn en kiezen voor een bepaalde religie, is dat prima. Die keuze moeten ze zelf kunnen maken. Wij willen hen niks opleggen. Onze dochter is nu zeven en die komt met veel vragen. Zo van: waarom draagt oma altijd een hoofddoek? Waarom bidt ze? En wie is Allah? Ik vind dat soort gesprekken met haar hartstikke interessant.”

Als ie maar geen voetballer wordt, ze schoppen hem misschien half dood (Boudewijn de Groot - Jimmy)

„Profvoetballer worden was lange tijd mijn droom. Ik ben pas relatief laat gaan sporten, mijn ouders konden de contributie niet betalen. Ik denk dat ik veertien was toen ik samen met mijn broer ging trainen bij SV Venlo. Ik bleek het spelletje te snappen, had inzicht. Remy Reijnierse kwam bij ons thuis om te vragen of ik wilde komen trainen bij VVV. Maar zover is het niet gekomen, want het noodlot sloeg toe. We hadden met SV Venlo meegedaan aan een toernooi in Duitsland. Op de terugweg werd onze auto aangereden door een vrachtwagen. Ik werd wakker op de intensive care in het ziekenhuis van Krefeld. M’n arm was verbrijzeld, een been op meerdere plekken gebroken en ik had inwendige bloedingen. Wekenlang heb ik in het ziekenhuis gelegen. Op een gegeven moment vroeg ik aan de arts of ik later weer kon voetballen. Hij antwoordde: ‘Je mag blij zijn als je straks weer fatsoenlijk kunt lopen.’ Dat was het einde van mijn voetbaldroom. Uiteindelijk ben ik in het onderwijs terechtgekomen. En daar voel ik me thuis. Ik vind het heel fijn om jongeren iets te leren.”

Ome Arie was ongeveer tachtig. Ome Willem was ook net zoiets. Ze vonden het leven nog prachtig (Toon Hermans - Café Biljart)

„Bang om oud te worden ben ik niet. Integendeel. Ik hoop juist dat ik nog heel lang zal leven, dat ik minstens de negentig zal halen. Ik wil mijn kinderen zien opgroeien, genieten van de momenten waarop ze succes hebben, hen helpen als ze het moeilijk hebben.”

De eigen keuze van Abbie Chalgoum: Op de dag van mijn begrafenis, als het gat gegraven is, wil ik liever geen bezoek aan huis, blijf die dag maar lekker thuis. Kom maar langs nu ik nog leef (Harry Jekkers - Nu ik nog leef)

„Het is een heel simpel liedje, met een prachtige tekst die de kern raakt. Het leven vliegt voorbij, iedereen heeft het druk. We hebben te weinig aandacht voor elkaar. Ga wat vaker bij je vrienden en familie langs, nu ze nog leven. Praat met ze, zeg dat je van hen houdt en hen waardeert. Dat doen we veel te weinig. Waarom is dat toch zo moeilijk? We vertellen pas hoe mooi en bijzonder een persoon was als die wordt begraven. Dan is het te laat. Dat is toch zonde!”

© Rob Cobben

Geen resultaten gevonden

Met deze filters hebben wij helaas geen voorstellingen in onze agenda. Probeer ze aan te passen om iets te vinden naar wens.